|
Systeem therapie
De
systeemtheorie gaat er van uit dat de mens pas werkelijk begrepen kan worden in
de context van zijn relaties. Ondanks dat we vaak denken dat iemand een
vaststaand karakter heeft, zien we mensen zich in verschillende contexten
steeds anders gedragen. Ze zijn anders op het werk dan thuis, anders bij hun
moeder dan bij hun schoonmoeder en ook weer anders bij hun sportclub dan met
hun kinderen. Mensen hebben een groot gedragsrepertoire en schakelen steeds per
situatie over op ander gedrag. Mensen zijn dus erg contextgevoelig.
Ook als er geen sprake is van een individuele diagnose, dienen individu en omgeving in
een verbindende analyse aan elkaar gekoppeld te worden. Relationele problemen
hebben immers ook hun invloed op de ontwikkeling van het individu. Een kind van
scheidende ouders bijvoorbeeld kan gedragsproblemen vertonen, die niet direct
terug te voeren zijn op zijn individuele psyche, maar die moeten worden gezien
als een symptoom van de spanning waarin het kind moet leven. De problematiek
zit dan dus niet ‘in’ het kind, maar is hij symptoomdrager van een gezin dat
uit balans is geraakt. In beide gevallen, dus met een gediagnosticeerde
individuele problematiek en zonder, dient de mens in zijn systeem
onderzocht, begrepen en geholpen te worden.

|